De FIA breekt zich al vele jaren het hoofd over de vraag, hoe het inhaalspektakel in de Formule 1 kan worden teruggebracht. Ik zou zeggen: ga met je reglement terug naar de tijd waarin coureurs hun tegenstanders nog op straat inhaalden in plaats van (uit pure onmacht) in de pits – naar de tijd waarin Formule 1-auto’s nog gewoon een voor-en een achtervleugel hadden en verder niks.
Door: Henk Wagenaar Hummelinck
Niet kunnen inhalen heeft namelijk slechts één oorzaak: dat eeuwige gedonderjaag met de aerodynamica. Formule 1-auto's worden tegenwoordig niet meer uitsluitend gevormd om de rijwind te behagen, maar óók om de achterliggende tegenstander een loer te draaien. 'Meer neerwaartse kracht voor eigen gebruik' gaat hand in hand met 'meer vuile lucht voor de concurrent'.
Ross Brawn en Adrian Newey behaalden hun respectievelijke wereldkampioenschappen voornamelijk op basis van aerodynamische spitsvondigheden. Prima, maar daarna zou ik als
Maar wat deed de
Nu, begin 2011, maakt de
Mijn 85-jarige schoonmoeder kreeg tot voor kort van de dokter ladingen pillen om op de been te blijven. Een kwart daarvan was terecht, de rest was nodig om negatieve bijwerkingen van dat ene kwart te compenseren. Ze spoelde het gros van die pillen door de gootsteen en neemt nu alleen nog maar in wat echt nodig is. Het gaat haar goed, dank u.
In de Formule 1 gaat het precies zo. Eerst worden auto's volgehangen met vleugels, diffusors en ander aerodynamisch tuig om zoveel mogelijk neerwaartse kracht te genereren. Als daaruit dan nare bijverschijnselen (in de vorm van overdadig veel vulle lucht) ontstaan, worden dure en ingewikkelde apparaten ontwikkeld om de werking van die vleugels en diffusors te verminderen. Zou het nou niet mooi zijn, als de




